Abonneer voor €30 en krijg een jaar lang toegang tot meer dan 70 korte films in onze streamingbibliotheek. Hiermee steun je niet alleen ons magazine, maar ook de betrokken filmmakers.
J’ai faim, j’ai froid
Bijna tien jaar na haar recentelijk door filmcritici tot “beste film aller tijden” verkozen Jeanne Dielman, 23 quai du Commerce, 1080 Bruxelles, maakte Chantal Akerman het amper twaalf minuten durende J’ai faim, j’ai froid. Daarin lopen twee jonge Brusselse meisjes al kettingrokend weg van huis, richting Parijs.
De opgejaagde pubers spreken vluchtig, alsof er geen tijd te verliezen is. Hun roekeloosheid doet denken aan Akermans eigen gedrag in haar allereerste kortfilm Saute ma ville (1968), waarin ze de domestieke huishoudtaken die traditioneel aan vrouwen worden toegewezen, op hun kop zet. In J’ai faim, j’ai froid toont ze jonge vrouwen die uit hetzelfde hout lijken te zijn gesneden: hongerig, speels en met zin voor rebellie.
J’ai faim, j’ai froid maakt deel uit van de anthologiefilm Paris vu par… vingt ans après waarin ook filmmakers Philippe Garrel, Frédéric Mitterrand en Vincent Nordon een korte vignette rond het Parijse leven inblikken.
Bio Chantal Akerman
Chantal Akerman (1950-2015) was filmmaakster, scenarioschrijfster, kunstenaar en schrijfster, geboren in Brussel. Op haar vijftiende ontdekte ze Pierrot le Fou (1965) van Jean-Luc Godard, wat haar motiveerde om films te maken. Ze verliet bijna meteen de filmschool van Brussel (INSAS), omdat ze zich bekneld voelde door de rigide regels van de opleiding. Het jaar daarop maakte ze haar eerste kortfilm, Saute ma ville (1968), haar eerste manifestatie van een vrije en radicale cinema. Begin jaren zeventig verhuisde Akerman naar New York, waar ze kennismaakte met de experimentele cinema van Jonas Mekas en Michael Snow. Hun werk had een diepe invloed op de films die ze daar maakte, zoals La Chambre (1972) en Hotel Monterey (1972).