Plucieniczak zoekt spiritualiteit bij zij die leven voor het weekend. Hoe dichter het weekend nadert, hoe meer de kleuren satureren; roze wordt rood. Een stroboscoop flikkert op Martens’ kale hoofd. Zijn lichaam is onscherp. De camera zwenkt van links naar rechts, zoals menig beelden in Gaspar Noé’s Irréversible; de muziek bouwt op, een tranceknaller die geduldig wacht om toe te slaan. Maar in plaats van die drop komt er een cut.